Vanaf heden kunnen nog maximaal 30 gelovigen de liturgie meevieren.
Meldt u aan bij onderstaande contactpersonen:

H. Antonius Abtkerk Wijchen: Contactraad, (06) 82242153, abtwijchen@detwaalfapostelen.nl
Emmanuelkerk Wijchen: Tiny Poos, (06) 50265160, tinipoos@upcmail.nl
H. Paschaliskerk Woezik: Marijke de Groot, (06) 30653053, paschalis@detwaalfapostelen.nl
H. Jozefkerk Alverna: Anny Rosmalen, (06) 29277272, annyrosmalen80@gmail.com
H. Joh. de Doperkerk Balgoij: Marianne v/d Boogaard, (024) 6453933, nw.vanden.boogaard@kpnmail.nl
H. Antonius Abtkerk Nederasselt: Liza Matijssen, (024) 6221596, matyssen.geerts@kabelfoon.nl
H. Antonius Abtkerk Overasselt: Tien Theunissen, (06) 13039363, tien-nelly.theunissen@planet.nl
H. Georgiuskerk Heumen: Hetty Martens-Poelen (06) 23523965, hettypoelen@hotmail.com
Oude Sint-Victorkerk Batenburg: Bert van Boxtel, (0487) 540806, bertenrietvanboxtel@gmail.com
H. Annakerk Bergharen: Thé Pekel, (0487) 531651, thepekel@planet.nl
H. Judocuskerk Hernen: Marijke Reijnen, (0487) 531470, h.judocus@detwaalfapostelen.nl
H. Damianuskerk Niftrik: Jan Derks, (06) 53164226, jderksniftrik@hotmail.com

Mocht u zich niet vooraf willen aanmelden, dan is er altijd de mogelijkheid om naar de kerk te komen en, indien er ruimte is, uzelf daar te registreren.

Verder verzoeken we u bij het verplaatsen in de kerk (binnengaan en verlaten van de kerk, alsmede ter communie) zo mogelijk een mondkapje te dragen.


Plaatsen van genezing

Beste broeders en zusters,

Afgelopen woensdag zijn wij de Veertigdagentijd begonnen. De Kerk schenkt ons veertig dagen om intens stil te staan bij het lijden en sterven van Christus. Maar ook om te vieren dat Jezus op de Paasmorgen nieuw en ander leven van de Vader heeft ontvangen. De komende weken begeleiden wij Jezus op zijn tocht naar Jeruzalem. Als een koning zal Hij worden ingehaald. Als de koning van de vrede. Maar nog geen week later sterft Hij aan een kruis op Golgotha. Deze koning neemt geen leven van mensen. Integendeel, Hij geeft zijn leven voor vrienden én vijanden. Ultiem teken van Gods verzoenende liefde voor ons allen.

Christus medicus

Als wij lezen over het openbaar leven van Jezus, komt in beeld dat Hij is gekomen als leraar maar ook als arts. Jezus spreekt woorden van bevrijding en genezing. Maar hij stelt ook daden van genezing, steeds opnieuw. In de vroege Kerk is het thema van Christus als medicus dan ook zeer geliefd. Het vormt een echo van de parabel van de barmhartige Samaritaan. Christus is als die Samaritaan, als een vreemdeling van Godswege gekomen, die mensen die gewond langs de levensweg liggen, opbeurt en wil genezen. Tijdens de strijd om het bestaan, zijn er helaas vele uitvallers. Juist de kleinen en kwetsbaren van deze wereld zijn de lievelingen van de Heer. God toont in Christus zijn liefde voor ons allen maar Hij heeft een voorkeursliefde voor hen die geen helper hebben. Juist hen wil hij verlichtend en genezend nabij zijn.

Parochies als veldhospitalen

Wat geldt voor de Heer, mag ook gelden voor zijn Kerk. De theologen van de eerste eeuwen spreken over de Kerk als een ziekenhuis, een plek waar mensen, fysiek of moreel, tot genezing kunnen komen. Paus Franciscus heeft de Kerk meerdere keren beschreven als een veldhospitaal. In onze cultuur is jong en vitaal zijn belangrijk. Kijk maar naar de reclameboodschappen. Bijna altijd komen knappe, gezonde en energieke mensen in beeld. Zelfs senioren in reclamespotjes scoren hoog op de vitaliteitsmeter. Eigenlijk is dat heel onbarmhartig. Want velen van ons weten van lichamelijke of geestelijke beperkingen. Natuurlijk mogen wij dankbaar zijn voor gezondheid en kracht. Maar laten wij dat binnen onze geloofsgemeenschap niet tot norm verheffen. Achter ons masker van onaantastbaarheid gaat vaak onzekerheid en kwetsbaarheid schuil. Als broze en regelmatig falende mensen leven wij voor Gods aangezicht. Wij hoeven ons voor God niet groter te maken dan wij zijn. Juist in onze geloofsgemeenschappen zou dat een bevrijdende boodschap moeten zijn.

Pandemie

Sinds een klein jaar is de wereld in de greep van de pandemie. Met grote medische, sociale en economische gevolgen. Juist de coronacrisis scherpt ons in dat wij ten diepste kwetsbare en sterfelijke schepselen zijn en blijven. Wetenschap en techniek zijn in onze samenleving ontzettend belangrijk en hebben de kwaliteit van ons bestaan enorm verbeterd. Wij mogen daar oprecht dankbaar voor zijn. Maar ook kon de mening postvatten dat het hele bestaan maakbaar is. Een klein onzichtbaar virus heeft die visie op hardhandige wijze doorgeprikt.

Kerkgebouwen en vaccinatie

De komende maanden staan in het teken van een uitgebreide vaccinatie van de bevolking. Het gaat om een geweldige operatie die minstens tot de zomer zal duren. Miljoenen mensen moeten immers twee keer worden geprikt. Wij mogen dankbaar zijn dat knappe koppen hun kennis en kunde hebben ingezet voor het ontwikkelen van verschillende vaccins. In geloof kunnen wij dat zien als een geschenk van Gods Geest die mensen inspireert en creatief maakt.

Vaccinatie beschouwt de Kerk als een daad van naastenliefde en zelfbescherming. Al meerdere parochies hebben verzoeken van artsen gekregen om het kerkgebouw of andere kerkelijke gebouwen te mogen gebruiken om mensen te vaccineren. Graag geef ik pastoors de ruimte om hun gebouwen ter beschikking te stellen. In overleg met artsen kunnen geschikte vaccinatietijden worden gevonden. De primaire betekenis van het kerkgebouw als huis voor de liturgie hoeft er dan niet onder te lijden. In het huis van God krijgen zijn kinderen een beschermend vaccin toegediend. Zo kunnen onze parochies een mooie bijdrage leveren aan de preventie van corona en het algemeen belang dienen. Zo worden onze kerken een plaats van het voorkomen van ziekte en dood.

Gewonde geneesheer

Wie de media volgt, beseft dat de coronacrisis steeds meer mensen zwaar valt. Dat geldt ook voor gelovige mensen. Juist in deze dagen snakken wij allemaal naar meer bewegingsvrijheid. Maar tegelijk wordt voorlopig ons geduld gevraagd. Laten wij elkaar in deze lastige tijd vasthouden en opbeuren. Wij hebben allemaal momenten dat het leven ons extra zwaar valt. Als wij elkaar dan troosten en bemoedigen, kunnen wij elkaar genezend nabij zijn. Wat is het mooi als wij gevoelens van somberheid en wanhoop kunnen wegnemen en mensen weer uitzicht geven. Wij zijn in deze Veertigdagentijd op weg naar het Paasfeest, het opstandingsfeest van Christus. Onze parochies moeten, naar de woorden onze paus, veldhospitalen zijn. Plaatsen van genezing omdat de gekruisigde en verrezen Christus als de “gewonde geneesheer” (Henri Nouwen) ons juist daar genezend en troostend tegemoet wil komen.

Mgr. dr. Gerard de Korte

Op weg naar nieuw leven

Aswoensdag

Komende woensdag begint de Veertigdagentijd. Door de coronapandemie kan het carnaval niet of alleen in zeer afgeslankte vorm worden gevierd. Voor velen in ons bisdom vormt dat een grote teleurstelling en een groot offer. Wij worden uitgenodigd om in de komende weken na te denken over het lijden, het sterven en de opstanding van Christus. Langs de weg van het kruis heeft Christus nieuw leven ontvangen.

Maar wij worden ook uitgedaagd na te denken over ons eigen leven. Bij het askruisje, dat op Aswoensdag in aangepaste vorm wordt uitgereikt, kunnen twee Schriftteksten worden uitgesproken: gedenk mens dat je stof bent of bekeer je en geloof het Evangelie. Als mensen zijn wij breekbaar en kwetsbaar. Wij zijn maar stof. Maar tegelijk zijn wij ook mensen met een hoge roeping. Steeds weer worden we uitgenodigd om ons naar Jezus toe te keren en trouw zijn Evangelie zichtbaar te maken door op een vernieuwde wijze te gaan leven. De komende Veertigdagentijd is immers een tijd van bekering en levensvernieuwing. Een tijd van verzoening ook. God keert zich in Christus tot ons; wij worden uitgenodigd ons tot Hem te keren. Wij zijn geroepen om onze relatie met God, met elkaar en onszelf opnieuw te verdiepen. Christus geeft ons in het Evangelie van Aswoensdag concrete aanwijzingen hoe wij dat in het vat kunnen gieten.

Overvloedige gerechtigheid

Het Evangelie van Aswoensdag vormt een deel van de Bergrede van Jezus. Als een nieuwe Mozes geeft hij in deze rede in zekere zin de grondwet van het Koninkrijk dat God wil realiseren. En dan gaat het om overvloedige gerechtigheid. Een gerechtigheid die groter moet zijn dan die van Schriftgeleerden en Farizeeën. Of zoals een theoloog wel eens gezegd heeft: het gaat om meer dan het gewone. Vandaag wordt die gerechtigheid op drievoudige wijze uitgewerkt. Het gaat om aalmoezen geven, om gebed en vasten.

Het goede doen

Het geven van aalmoezen, kunnen wij actualiseren met woorden als naastenliefde, gerechtigheid en solidariteit. Israël denkt in termen van het verbond. God heeft met zijn geliefde volk Israël een verbond gesloten. En dat betekent dat er binnen het verbondsvolk gerechtigheid moet heersen. Dit bijbels pathos voor gerechtigheid heeft onze samenleving gestempeld. Maar tegelijkertijd is er levensgroot het gevaar van onverschilligheid. Paus Franciscus waarschuwt regelmatig tegen deze verleiding en vraagt ons om alert te zijn als het gaat om de zorgen en noden van onze naasten. Worden wij echt geraakt door de ellende van de armen in onze wereld? Door de nood van miljoenen vluchtelingen? Door de zorgen van de daklozen, vaak vlakbij in onze omgeving? Door de eenzaamheid van niet weinig alleenstaanden? Wij krijgen vanaf vandaag 40 dagen om ons bewust te worden dat wij geroepen zijn tot verbondenheid met de kleinen en kwetsbaren van deze wereld. In kracht van de Heilige Geest kunnen wij ons oefenen in solidariteit waarbij de linkerhand niet hoeft te weten wat de rechterhand doet.

Mensen van gebed

Christus spreekt niet alleen over een horizontale gerechtigheid ten opzichte van onze naasten. Maar ook over een verticale gerechtigheid. Hij spreekt over het gebed. Jezus zelf is bij uitstek een bidder. Wij kunnen zeggen dat het gebed het leven van Christus heeft gedragen. Steeds weer lezen wij in het Nieuwe Testament dat Jezus tijd vrij maakt voor het gesprek met God die Hij zijn Vader noemt. Hij bidt vaak in de vrije natuur maar ook in de synagogen van het joodse land en bij gelegenheid van de feesten van Israël is Hij in de grote Tempel van Jeruzalem. De komende Veertigdagen kunnen wij gebruiken om onze band met God biddend te verdiepen.

Persoonlijke matiging

Christus spreekt niet alleen over aalmoezen en gebed maar noemt nog een derde dimensie van de gerechtigheid: het vasten. In de Bijbelse spiritualiteit is dat een belangrijk element. In het Evangelie horen wij dat ook onze Heer perioden van vasten heeft gekend. In het recente verleden zijn heel veel vormen van vasten in snel tempo verdwenen. Tegelijk zie ik de laatste jaren bij steeds meer christenen, zowel rooms-katholiek als protestant, het verlangen om deze Veertigdagentijd ook een echte vastentijd te laten zijn. Zij zoeken én vinden nieuwe vormen om het vasten inhoud te geven. Zo kunnen mensen zichzelf leegmaken zodat er meer ruimte komt voor de overdenking van de werkelijk belangrijke vragen van het bestaan. Wat is de zin van mijn leven? Waar ben ik mee bezig? Wat zijn de prioriteiten in mijn bestaan? Dien ik met al mijn slaven en sloven werkelijk de Heer en de ander of draait alles rond mijn eigen dikke ik?

Op weg naar Pasen

Wij leven in bijzondere tijden. Koning Winter heeft toegeslagen met een flinke pak sneeuw en stevige vorst in de nacht. Voor met name kinderen en schaatsers een reden tot plezier. Zo kunnen wij in een witte wereld de coronapandemie even op de achtergrond schuiven. Maar helaas is de verwachting dat de crisis ons langer in de greep zal houden dan tot recent werd verwacht. Nieuwe varianten van het virus zorgen voor extra besmettingen en het vaccinatieprogramma heeft om verschillende redenen vertraging opgelopen. Het gevolg is dat de vrijheidsbeperkingen langer duren. De hoop op versoepelingen van de maatregelen is voorlopig vervlogen. En dat valt de meeste van ons steeds zwaarder. Eenzame mensen voelen zich nog eenzamer. En gezinnen met kinderen hebben vaak te maken met extra zorgen en onderlinge spanningen. Juist nu worden wij opgeroepen om moed te houden. Maar dat is vaak gemakkelijker gezegd dan gedaan. Christenen leven met een wenkend perspectief. Niet een onzichtbaar virus regeert de wereld maar onze God. Hij is immers de Heer van de werkelijkheid. Onze relatie met Hem kan ons hopelijk veerkracht geven. In deze tijd worden de dagen weer langer. De lente komt nabij. Meer licht en minder duisternis in de natuur. Laten wij hopen dat er spoedig ook meer licht mag komen in onze samenleving en ons eigen bestaan. Wij snakken allemaal naar meer vrijheid en een meer ontspannen leven. In de komende weken, op weg naar het opstandingsfeest van Christus, kunnen wij onze band met God, met onze naasten en onszelf opnieuw verdiepen en versterken. Drievoudige gerechtigheid realiseren als uitdaging voor de komende Veertigdagentijd. Ik wens u oprecht veel inspiratie en veerkracht. Ook om anderen bij te staan. Juist nu moeten wij allen die in somberheid dreigen weg te zinken, niet in de steek laten maar juist een hart onder de riem steken. Pasen betekent nieuw en ander leven voor Christus. Het Paasfeest geeft hopelijk aan ieder van ons uitzicht op nieuw en bevrijd leven voor Gods aangezicht.

Mgr. dr. Gerard de Korte

Vijfde woord van bemoediging: Ons Doopsel en Verantwoordelijkheid

Beste broeders en zusters,

Afgelopen zondag hebben wij met het feest van de Doop van de Heer, liturgisch gezien, de Kersttijd afgesloten. De kerstversieringen in kerken en huizen worden opgeruimd. De kerststal kan weer naar zolder. Het Evangelie van zondag maakte duidelijk dat wij met Kerstmis niet zomaar een geboorte hebben gevierd. Bij de doop van Jezus in de Jordaan wordt Hij aangewezen als de welbeminde Zoon. In Christus zoekt de Vader ons op. Teken van goddelijke solidariteit.

Ook wij zijn gedoopt. Op ieder van ons heeft God zijn hand gelegd. Hij geeft ons kracht om als verantwoordelijke christenen te leven juist ook in deze nare en spannende tijd. Op wat langere termijn lijkt er licht aan de horizon te schijnen. Maar de komende maanden  worden nog lastig. Wij moeten nog even de woestijn accepteren voordat er meer vrijheid en spontaniteit in het beloofde land mogelijk zal worden .

Levensvernieuwing

Het Evangelie bracht ons zondag opnieuw naar de Jordaan. Johannes de Doper heeft daar een massale doopbeweging op gang gebracht. Aan de oevers van de rivier spreekt hij mensen aan en daagt hen uit om hun leven nog eens goed te overwegen. Mensen moeten zich laten dopen als een uiterlijk teken van innerlijke reiniging. Want er staan grote dingen te gebeuren. De Messias is op komst. Johannes is er diep van overtuigd dat een bekering van het hart nodig is. Hij heeft met een scherpe blik om zich heen gekeken. Hij kent de wereld en hij kent het hart van ons mensen. Hij ziet het krabben en het klauwen. Hij ziet het onrecht en de onvrede. Er is zoveel dat het verbond met God weerspreekt.

Wanneer Johannes vandaag zou hebben geleefd dan zou hij ongetwijfeld wijzen naar oorlogsgebieden in Jemen en Ethiopië. Maar ook naar de 80 miljoen vluchtelingen die te vaak aan hun lot worden overgelaten. Maar ook dichter bij huis zou Johannes kunnen wijzen op onze eigen jaloezie, op onze zucht om de eerste te willen zijn; onze roddel en achterklap. Kijk maar, zegt Johannes, kijk in de spiegel en ontdek jezelf. Daarom klinkt die oproep tot ommekeer en levensvernieuwing. De doop is daarvan een teken. Water zuivert en kan zo een teken zijn van een nieuwe start.

Doop van Jezus: solidariteit met falende mensen

In het Evangelie lezen wij dat ook Jezus zich meldt bij Johannes. En Hij stelt een opvallende daad. Hij daalt af in het doopwater en laat zich door de Doper dopen. Op het eerste gezicht is dat vreemd en verwonderlijk. Want Jezus heeft toch geen bekering nodig. Hij is bij uitstek de Rechtvaardige die helemaal open is voor God en voor de mensen. En toch daalt hij af in het water van de Jordaan. Christus wordt zo helemaal één met ons. Midden onder zondaars en bedelaars neemt Hij plaats. De ene Rechtvaardige verklaart zich solidair met falende en liefdeloze mensen. Niet alleen op het kruis van Golgotha, maar ook al bij het afdalen in de Jordaan. Hij die geen doopsel van bekering nodig heeft, verbindt zich met allen die dat doopsel wel nodig hebben. Het gaat om een vrijwillige zelfgave die heel het openbare leven van Christus zal bepalen en die een hoogtepunt krijgt op het kruis, tot onze verzoening.

Als Jezus het doopsel ontvangt, krijgen wij een doorkijk op wie Hij is. De veelgeliefde Zoon van de Vader. God zoekt ons op. In Christus toont de Vader hoezeer Hij van ons houdt en ons nabij wil zijn. Jezus onthult Gods zachtmoedigheid en geduld; zijn verzoenende liefde. De contouren van het optreden van de Heer vinden wij terug bij de profeet Jesaja. Jezus roept niet en schreeuwt niet. Als de Barmhartige breekt Hij het geknakte riet niet, noch dooft Hij de kwijnende pit. Geknakt riet en een dovende pit zijn treffende beelden voor de situatie van ons mensen. Ons bestaan is immers gebroken. Wij verlangen naar geluk en vrede maar niet zelden leeft er onvrede in ons hart. Wij zijn kleine, broze mensen die kwetsbaar leven voor Gods aangezicht. Bij die stand van zaken komt Christus bij ons staan. Niet verwijtend maar solidair; niet verstotend maar vol aanvaarding. De geschonden mens wordt genezen, de schuldige mens ontvangt vergeving en de hulpeloze mens ontvangt nieuw levensmoed.

Ons eigen doopsel

Wij zijn ook gedoopt. Wij ontvingen niet het doopsel van Johannes. Wij zijn gedoopt in de naam van de Vader, de Zoon en de Geest. God heeft op ieder van ons zijn hand gelegd. Ons eigen doopsel wil meer zijn dan een etiket, meer dan een ritueel. Als het goed is, valt dat ook te zien aan onze manier van samenleven met God en met elkaar. Wij zijn geroepen om Gods liefde te delen met elkaar. Johannes doopt met water; Christus doopt ons met de Geest. En dat is, hopelijk, niet alleen een vrome kreet. Christus schenkt ons de Geest als Helper en Trooster. Juist in deze lastige dagen kunnen wij de hulp en de troost van de Heer natuurlijk ontzettend goed gebruiken. Wij blijven geroepen om een bijdrage te leveren aan de opbouw van onze Kerk. Door de coronacrisis spreken wij daar minder over maar de inzet voor een missionaire Kerk blijft actueel. Gods Geest maakt ons hopelijk creatief om wegen te vinden om het Evangelie van Gods onvoorwaardelijke liefde in Christus te delen met ons tijdgenoten.

U weet dat ik mij zorgen maak over het gebrek aan hoffelijkheid en de toename van de verharding in ons samenleving. Met afschuw hebben de meesten van ons afgelopen week gekeken naar de beelden uit Washington. Christenen zouden aan de verharding niet mee moeten doen. Niet alleen uit beschaving maar juist ook geïnspireerd door ons geloof. Ieder mens is een schepsel van God en heeft daardoor een unieke waardigheid. En juist in een gepolariseerde samenleving zijn christenen geroepen om het bonum commune, het algemeen welzijn te dienen. Laten wij vooral zoeken naar wat ons verbindt en in onderlinge samenwerking de noden van onze tijd bij de horens vatten.

Woestijn en beloofd land

Ik schrijf dit Woord ter bemoediging midden in de tweede lockdown. Doordat het vaccinatieprogramma is opgestart, lijkt er op langere termijn licht aan het einde van de tunnel te schijnen. Maar op korte termijn staan de meeste seinen nog op rood. De besmettingen blijven veel te hoog en de druk op de zorg is nog steeds zeer groot. In Bijbelse termen zijn wij  voorlopig nog in de woestijn. Juist nu moeten wij als christenen onze verantwoordelijkheid nemen en alles doen om het aantal besmettingen in te dammen. In de huidige omstandigheden zijn geduld, uithoudingsvermogen en veerkracht belangrijke waarden. In kracht van de troostende en helpende Geest van de Heer is er veel mogelijk.

Laten wij er zijn voor elkaar, juist ook voor mensen die in deze tijd extra eenzaam zijn. Een klein gebaar van humaniteit kan vaak het verschil maken. Een glimlach, een brief, een mail, een telefoontje, een klein cadeau of een mooie bos bloemen. Het is vaak een kleine moeite maar geeft groot plezier. Wij allen zijn kleine en kwetsbare mensen. Ons leven is geschonden en broos. Maar de Trooster en Helper kan ons bemoedigen en sterk maken. Laten wij volhouden. Nog even de woestijn accepteren voordat er hopelijk meer vrijheid en spontaniteit in het beloofde land mogelijk zal zijn.

Mgr. dr. Gerard de Korte
bisschop van ‘s-Hertogenbosch

Gëent op de edele olijf

Beste broeders en zusters,

 

Bevrijding Auschwitz

Vorige week woensdag werd herdacht hoe Russische troepen 76 jaar geleden het concentratiekamp Auschwitz hebben bevrijd. Wie leest over de concentratiekampen van de nationaalsocialisten wordt stil en verdrietig. Alleen al in Auschwitz werden een miljoen mensen, met name joodse mensen, op een fabrieksmatige wijze omgebracht. Tallozen verloren hun leven in de gaskamers. Vorige week had dagblad Trouw een aangrijpend verhaal over Nederlandse SS’ers die in Auschwitz gewerkt hebben en gruwelijk hebben gehandeld. Schokkend was het verhaal over een jonge joodse moeder die werd doodgeschoten en daarna haar baby. Blijkbaar zonder enige gewetensnood werden deze moorden gepleegd. Het nazisme blijft tot op de dag van vandaag grote vragen oproepen. Hoe was het mogelijk dat in een cultuur waarbinnen al eeuwen het Evangelie was verkondigd, deze ideologie met een agressieve Jodenhaat zoveel aanhang kon krijgen? Een nieuw heidendom kon zich breed maken. Het recht van de sterkste zat op de troon.

Christelijke geschiedenis en anti-judaïsme

Toch moeten wij ook eerlijk willen kijken naar onze eigen christelijke geschiedenis. Er is dan alle reden tot grote schaamte en diep schuldbesef. Want al in de eerste eeuwen van de Kerk ontstaat er een diepe vijandschap tussen joden en christenen. Grote theologen houden felle anti-joodse preken. Ik noem alleen Johannes Chrysostomus. Zijn naam betekent Guldenmond. Hij kon fantastisch preken maar hij gebruikt zijn retorisch talent om ook afschuwelijk preken over de joden te houden. Veel theologen zijn helaas door de eeuwen heen hem gevolgd. Ik denk aan de felle preken van Maarten Luther. Zijn anti-judaïsme was groot. Hele citaten uit werken van Luther konden de nationaalsocialisten in hun publicaties overnemen. Onbetwistbaar heeft het kerkelijk anti-judaïsme de haat tegen de joden in nazi-Duitsland gevoed. Een diepzwarte pagina uit de geschiedenis van onze Kerk.

Relatie tussen Kerk en Synagoge

Na de Tweede Wereldoorlog heeft de Holocaust de christelijke gemeenschap tot een diepgaand gewetensonderzoek gebracht. En ook tot een nieuwe bezinning op de relatie tussen Kerk en synagoge. Wij beseffen opnieuw hoezeer christenen geworteld zijn in Israël. De apostel Paulus schrijft daar indringend over in zijn brief aan de christenen van Rome: Gij zijt van de wilde olijfboom, waartoe gij krachtens uw oorsprong behoort, afgebroken en tegen uw aard in geënt op de edele olijf (hoofdstuk 11, 24). De apostel ziet de christenen uit de volkeren als wilde olijven die zijn ingeplant in Israël als de edele olijf. Wij zijn dus van huis uit joods. De God die wij in onze kerken en kapellen aanbidden is de God die zich in de loop van Israëls geschiedenis heeft geopenbaard. Op het hoogtepunt van de tijd heeft Hij onder ons willen wonen in een joodse man. De heilige God van het verbond toont zijn onvoorwaardelijke liefde in Jezus.

Een nieuwe leer met gezag

Afgelopen zondag lazen wij dat Jezus op de sabbat naar de synagoge ging. Dat deed hij als Jood naar gewoonte. Op de sabbat herdacht Jezus Gods schepping en de bevrijding van zijn volk uit de slavernij van Egypte. In het joodse gebedshuis werd gelezen uit de Schriften, die wij nu Oude Testament noemen. Jezus openbaart zich daar als profeet en Messias. Hij leeft vanuit het verbond van Israëls God en zal dat verbond vernieuwen. In het zondagse evangelie wordt hij geschetst als de Heilige Gods. Hij spreekt met gezag en drijft onreine geesten uit. Helaas zijn er tot op de dag van vandaag vele onzuivere geesten in onze wereld. Wij denken natuurlijk aan de boze geest van oorlog en terreur in tal van landen. Maar ook dichterbij aan roddel, jaloezie en afgunst.

De onreine geest van geweld

In deze dagen noem ik heel bijzonder ook de onreine geest van geweld in onze eigen samenleving. Al heel lang maak ik mij zorgen over het verbale geweld in de sociale media. Op allerlei sites, helaas ook met een katholieke achtergrond, wordt vaak niet op de bal maar op de persoon gespeeld. Zo wordt menige goede naam besmeurd. Maar recent hebben wij in onze steden, ook binnen het bisdom van ’s-Hertogenbosch, te maken gehad met fysiek geweld. In Eindhoven, Tilburg, ’s-Hertogenbosch en andere steden en dorpen trokken vorige week relschoppers door de binnensteden. Winkels werden opengebroken en er werd massaal gestolen en vernield. Het lijkt mij dat de daders stevig moeten worden gestraft, al moeten wij hen niet definitief afschrijven. Mensen die fouten maken, verdienen een nieuwe kans. Gelukkig kwam er na de rellen ook een golf van goedheid in beeld. Burgers gingen hun stad schoonmaken en voor gedupeerde ondernemers werd geld ingezameld. Een indrukwekkend voorbeeld van saamhorigheid en compassie.

Schenkende liefde, geweldloosheid en vergeving

Christus wil ons ook vandaag bevrijden van onreine geesten. Zijn leven wordt gekenmerkt door schenkende liefde en geweldloosheid. Hij blijft die weg trouw tot op het kruis van Golgotha. Geweld wordt niet met wraak maar met vergeving beantwoord. Hij pint mensen niet vast op hun donkere verleden maar plaatst hen in het licht. Zij krijgen een nieuwe kans. Onze coronatijd is onzeker en veel mensen raken aan het einde van hun Latijn. De lontjes van talloze mensen lijken steeds korter te worden. Onreine geesten in de Bijbel verdelen, zaaien onenigheid en drijven mensen uiteen. Laten wij als christenen ons openen voor de goede Geest van God. Door de weg van liefde, geweldloosheid en vergeving te gaan, kunnen wij, in onze gepolariseerde en oververhitte samenleving, mensen hopelijk weer dichter bij elkaar brengen.

Mgr. dr. Gerard de Korte

Uithouden en het licht koesteren

Volhouden en uithouden zijn woorden die geregeld klonken in het afgelopen jaar. Het was voor ons allen een uitzonderlijk jaar, waarin veel wat vanzelfsprekend was veranderde en een groot beroep op aanpassingsvermogen werd gedaan. Het vieren van kerstmis in kleine kring en het wegvallen van publieke vieringen op kerstavond zijn ingrepen in ons parochieleven die grote indruk hebben gemaakt. Teleurstelling, eenzaamheid, frustratie en onzekerheid klonken door in reacties. Er waren ook velen die hun veerkracht hebben getoond door van noden deugden te maken. Zo waren er verschillende kleinschalige creatieve initiatieven: de interactieve wandeling met het kerstverhaal, de wijze waarop kerststallen en versieringen in kerken zijn aangepast om een veilige openstelling van kerken mogelijk te maken tijdens de kerstdagen, muzikanten die op aangepaste wijze hun bijdragen hebben geleverd aan de kleinschalige vieringen en veel helpers die de viering van kerstmis ook dit jaar mogelijk te maken.

De taferelen van de kerststallen in onze kerken weerspiegelen de intimiteit van het zorgdragen voor de elementaire behoeften van samenlevende mensen. Jonge mensen als Maria en Jozef gaan op reis en zagen zich gedwongen om nieuw leven welkom te heten te midden van onzekere omstandigheden. De verhalen die rondom hun personen worden verteld zijn stuk voor stuk voorbeelden van creatieve veerkracht. Maria is meer dan eens verbaasd en ook bezorgd over wat haar overkomt en wat haar wordt aangekondigd. Jozef lijkt de gebeurtenissen rondom de geboorte van Jezus niet alleen passief tot zich te nemen, maar hij zet zijn talenten in om, samen met zijn vrouw en kind, om op een constructieve wijze het licht in hun midden te koesteren.

In het jaar dat achter ons ligt, is veelvuldig een beroep gedaan op onze veerkracht en uithoudingsvermogen. Velen zijn moe en hebben moeten leven met verdriet en verlies. Begrijpelijk dat geregeld voelbaar is dat de rek er uit lijkt te zijn. Anderzijds, signalen van hoop maken dat we het kunnen uithouden en volhouden om in het volgend jaar hopelijk de overgang te gaan maken naar samenkomsten zoals we die gewend waren te houden in onze kerken.

Veel mensen hebben in het afgelopen jaar kaarsjes opgestoken bij Maria. Ook tijdens de afgelopen kerstdagen hebben veel mensen een bezoek gebracht aan de kerststal en iets van de hoop en de veerkracht van het gezin in Bethlehem kunnen proeven. Uithouden en het licht koesteren: een hele opgave die vooral ook een gezamenlijke opdracht is. Uithouden verwijst naar het voorzichtige beschouwen door Maria van wat het leven haar zou brengen. Het Licht koesteren verwijst naar de zorg die, gevoed door hoop, het levenspad van het jonge gezin zou gaan verlichten en duiden.

Als parochie koesteren we vele kleine lichtjes in het afgelopen jaar: mensen die elkaar hebben bijgestaan en er waren voor elkaar wanneer dat nodig was. We danken iedereen die heeft meegeholpen en heeft meegedacht: veerkracht die ons het nieuwe jaar zal indragen. Het tafereel van de kerststal zal ons ook in de eerste weken van het jaar van inspiratie blijven voorzien: de wijzen uit het Oosten herkennen het Licht in het alledaagse leven van een gezin. Onze ogen worden geopend door vreemdelingen en door wat vreemd is; we worden gevraagd onze levensweg als parochie te zoeken in bizarre omstandigheden.

Het wekt vertrouwen dat de reis van de Wijzen, hoewel onzeker, geleid werd door een ster. Dat ook wij de ster aan de hemel mogen ontdekken in het nieuwe jaar! Het Licht koesteren, het met elkaar uithouden en volhouden! Aan allen een gezegend en gezond 2021 toegewenst!

Martin Claes.