Ik groet U

Afgelopen april ging er een schok door Europa en de rest van de wereld. De Goede Week was juist begonnen toen de eerste beelden van een brandende Notre-Dame werden verspreid. Binnen enkele minuten was het een trending topic op Twitter, terwijl op datzelfde moment wereldwijd televisie-uitzendingen werden onderbroken. Zoals zoveel anderen, werd ik er even helemaal stil van. Stil werd ik ook van de talloze harten die werden aangeraakt en van de grote giften die werden toegezegd. Ook mensen die zichzelf niet als christelijk, of zelfs maar religieus, beschouwen, lieten merken dat wat er hier in brand stond meer was dan alleen maar een historisch gebouw. “Hier brandt een deel van ons”, bekende zelfs de Franse president. De strikte scheiding die in Frankrijk normaal gesproken geldt tussen Kerk en staat leek kortstondig opgeheven. Het oplaaiende vuur in de kathedraal van Parijs wierp voor heel even een licht op het geestelijke en christelijke fundament van Europa.

In de oranjerode gloed van de hemel boven de stad, stonden ontelbare mensen ademloos te kijken naar het drama dat zich voor hun ogen voltrok. Er vloeiden tranen en mensen vielen elkaar in de armen. In de anonieme stad verdwenen de sociale grenzen die anders onzichtbaar tussen de verschillende bevolkingsgroepen lopen. Voor mij persoonlijk ging er van die brandende ‘Moeder’ van alle Franse kerken een bijna apocalyptische waarschuwing uit. Ik herinnerde mij de profetische woorden van Robert Schuman, de grondlegger van Europa, die later nog geregeld door Otto von Habsburg werden herhaald: “Europa zal christelijk zijn, of het zal niet meer zijn!”

Terwijl het dak van de Notre-Dame volledig is verwoest en er een aanzienlijk aantal kunstwerken verloren is gegaan, staan de muren nog onwankelbaar overeind en is zelfs het kostbare orgel bewaard gebleven. Aangetast door het vuur zal de kerk herbouwd worden en ze zal mooier zijn dan ooit tevoren.

Als wij vandaag de dag de ineenstorting van het christendom in onze streken menen waar te nemen, dan kan het beeld van een kerk die herbouwd wordt erg bemoedigend zijn. Misschien moet er ook binnen onze geloofsgemeenschap eerst nog veel verdwijnen dat geen eeuwigheidswaarde heeft. Dat kan pijn doen, maar het zal de ontdekking van Christus als het onverwoestbare fundament van de Kerk én van ons biddend samenkomen dichterbij brengen. Als Hij opnieuw in het centrum van onze gemeenschap komt te staan, als we ons echt door Hem laten aanraken en als wij erin slagen ons helemaal te laten vernieuwen, dan zal er een vuur oplaaien dat niet verteert maar mensen in beweging brengt.

Het was ontroerend om te zien hoe op die maandagavond in april met name heel veel jonge mensen letterlijk in beweging werden gebracht. Gekeerd naar het brandende Godshuis knielden zij neer en langzaam zong door de nacht het gebed dat ook bij ons veel vaker te horen zou mogen zijn: “Je vous salue Marie, comblée de grâce!” Ik groet u Maria, vol van genade… Voor wie het gemist heeft, hier is het videofragment terug te zien. Laten we ons vol vertrouwen richten tot de Moeder van de Heer en haar vragen om ook ons bij de hand te nemen en onze geloofsgemeenschap op te bouwen tot een onverwoestbaar huis, waarin de generaties die komen gaan haar Zoon mogen ontmoeten en geraakt kunnen worden door zijn verlossende en bevrijdende liefde.

 

pastor Andreas, juni 2019